BIOG-CHIP TECHNOLOGIE

NATUURKUNDIGE ACHTERGROND

Mobichip De chip functioneert als antenne die de straling vangt en transformeert.

In het cirkelvormige patroon dat in de Bio-G chip is gegraveerd zijn de metaalkristallen Tin (Sn), Koper (Cu), Nikkel (Ni), Zilver (Ag), Goud (Au), Molybdeen (Mo) en Silicium (Si) verwerkt. Per product verschilt de samenstelling en de verhouding van de gebruikte metaalkristallen die in de chip zijn verwerkt.

Ieder van atomen van deze metalen kristallen bestaat uit een positief geladen kern, protonen, neutronen en elektronen. Protonen en neutronen bevinden zich in de kern, en elektronen (die negatief geladen zijn) in de elektronenschillen rond de kern. Deze elektronenschillen hebben verschillende energieniveaus. De binnenste schil heeft het laagste energieniveau, het buitenste het hoogste. Zie bijvoorbeeld hier de atoomstructuur van Koper (Cu) en van Tin (Sn):

koper
tin
Koper (Cu)

29 protonen
29 elektronen
35 neutronen
Energie niveaus

1e niveau - 2 elektronen
2e niveau - 8 elektronen
3e niveau - 18 elektronen
4e niveau - 1 elektronen
Tin (Sn)

50 protonen
50 elektronen
69 neutronen
Energie niveaus

1e niveau - 2 elektronen
2e niveau - 8 elektronen
3e niveau - 18 elektronen
4e niveau - 18 elektronen
5e niveau - 4 elektronen

Ieder metaalkristal heeft een bepaald aantal energieniveaus en een aantal elektronen per energieniveau.

Op het moment dat energie aan het atoom wordt toegevoegd, bijvoorbeeld door de elektromagnetische straling van uw telefoon, worden elektronen naar een hogere energietoestand (hogere baan) gebracht. Daardoor komt het elektron in een zogenaamde 'aangeslagen toestand', hij wordt 'geëxciteerd', en wordt instabiel.

Omdat de positie in een hogere schil niet zijn natuurlijke positie is, heeft hij de neiging om terug te vallen naar zijn oorspronkelijke positie in de oorspronkelijke schil en naar zijn oorspronkelijke energie. Wanneer het elektron uit de aangeslagen toestand weer terugvalt, raakt hij zijn overtollige energie kwijt door het uitzenden van een foton. Dan treedt emissie op van elektromagnetische straling. Deze geëmitteerde straling heeft een andere golflengte dan de straling waarmee het elektron geëxciteerd is.

WAT BETEKENT DIT ALLEMAAL?

Photon Op het moment dat de energie van de elektromagnetische straling van, bijvoorbeeld, de mobiele telefoon bij de elektronen van de metaalkristallen komt die zich in de banen van de chip bevinden, worden deze naar een hogere energietoestand gebracht. Tijdens de terugkeer naar hun oorspronkelijke energie, laten de elektronen hun overtollige energie los. Dit heet “emissie van stralingsenergie” volgens het Atoommodel van Bohr.

Wanneer dit gebeurt, mengt de uitgezonden straling van de chip zich met de oorspronkelijke straling van de telefoon en ontstaat er een zogenaamd proces van destructieve interferentie, die ervoor zorgt dat de elektromagnetische stralen uitgezonden door de mobiele telefoon niet meer schadelijk zijn. Op het verschijnsel interferentie is de techniek van antigeluid en holografie gebaseerd. (Hologrammen zijn bijvoorbeeld te zien op de bankbiljetten.)

Interferentie kan optreden bij elektromagnetische golven, geluidsgolven, watergolven, etc. Ook elementaire deeltjes vertonen interferentiepatronen, waarbij het golfkarakter van deze deeltjes tot uitdrukking komt. Deze experimentele verschijnselen staan aan de basis van de kwantummechanica.

Share this